Weblog Tom Kleijn: ‘Klein en Kleijn’
Het is voorjaar 1996. Als jonge verslaggever voor het programma 2Vandaag mag ik naar Amerika, om in New Hampshire de Amerika-correspondent bij te staan bij de voorverkiezingen.
Het draait om de herverkiezing van president Bill Clinton en het circus is net begonnen. Na Iowa is New Hampshire de tweede staat waar gekozen gaat worden.
Affaire
Maar er speelt ook iets anders: eerder dat jaar is het boek ‘Primary Colors’ uitgekomen. Het gaat over een kandidaat tijdens de vorige presidentscampagne, in 1992. Hoofdpersoon in het boek is Jack Stanton, democraat, gouverneur van een zuidelijke staat die teveel eet en flirt met elke vrouw. Hij is ongedisciplineerd, heeft een affaire met zijn kapster en maakt fel ruzie met zijn ambitieuze echtgenote. Na de eerste pagina weet de lezer dat het hier om Bill en Hillary Clinton gaat. Het is een bijna letterlijk verslag van hun race naar het Witte Huis vier jaar eerder.
Anonymous
Het boek staat negen weken op de New York Times bestsellerlijst en er worden miljoenen exemplaren van verkocht. Wat de hype vergroot, is dat de schrijver onbekend is en zich ‘Anonymous’ noemt. Heel Amerika vraagt zich af wie het boek geschreven heeft. De auteur is zó op de hoogte van de details en gang van zaken rond een campagne dat het wel een campagnemedewerker of een politieke journalist uit het gevolg van Clinton moet zijn, zo is de verwachting.
Joe Klein
Het blijft maandenlang geheim. Het aantal mogelijke schrijvers neemt steeds verder af. Uiteindelijk blijft Joe Klein, de politiek journalist van Newsweek, als meest waarschijnlijk over. Maar hij ontkent: op TV en in de krant. Niemand die het weet. De filmrechten van Primarycolorsworden verkocht. John Travolta zal Jack Stanton spelen, Emma Thompson zijn vrouw.
‘Het spel is uit’
Ook ik had het boek gelezen en een campagne - zoals die in ‘Primary Colors’ beschreven wordt – ga ik nu zelf ook meemaken. Terwijl ik incheck in mijn hotel in het besneeuwde New Hampshire gebeurt er iets vreemds: de receptioniste geeft mij een enveloppe met daarop de woorden: ‘te overhandigen aan Mr. Klein bij aankomst.’
Nietsvermoedend maak ik de enveloppe open en lees ik een fax. Het is een nog te verschijnen artikel, geschreven door een literair analist van de universiteit van Vassar. Hij stelt vast dat niemand anders dan Newsweek journalist Joe Klein Anonymous is. Er zit een briefje bij van de uitgever van Anonymous met de boodschap: ‘Joe, het spel is uit.’
Fout
De receptioniste heeft een fout gemaakt. Ze heeft het bericht aan de verkeerde Mister Klein gegeven: niet aan Joe Klein van Newsweek, maar aan Tom Kleijn uit Amsterdam.
Tegenzin
Heel Amerika wil dit weten, en ik heb het antwoord in mijn hand. Opgewonden ren ik naar de kamer van de Amerika-correspondent en laat hem de fax zien. Die roept steeds maar ‘dit kan niet, dit kan niet!’ en speurt alle telexberichten af naar bevestiging van het bericht. Maar er is geen bevestiging, want het verhaal is nog niet openbaar. “Het kan niet zo zijn,” concludeert hij. “Joe Klein heeft het meerdere keren ontkend. Zelfs vorige week nog.” Ik stribbel wat tegen en zeg dat ik dat dan wel zelf van Klein wil horen. Maar ik laat me overrulen. De correspondent zal het wel weten. Met tegenzin breng ik de fax terug naar de balie.
Schoorvoetend
Een paar maanden later zit ik op de redactie in Hilversum en lees in de Volkskrant een artikel. Het gaat over de schrijver Anonymous. ‘Eindelijk is bekend wie hij is.’ Ik lees met afgrijzen dat een Amerikaanse professor in de literaire analyse zijn onderzoek heeft gepubliceerd en onomstotelijk vast staat dat Joe Klein de Amerikaanse bestseller ‘Primary Colors’ geschreven heeft. En die heeft bekend dat hij het boek geschreven heeft. Precies wat ik al wist. Het bewijs kreeg ik weken geleden al in een enveloppe. Mijn eerste grote scoop is volledig door mijn vingers geglipt. Niet veel later gaat mijn telefoon: een schoorvoetende correspondent uit Amerika aan de lijn.
Spannend
Fast forward naar zestien jaar later. Ik sta in de rij van het autoverhuurbedrijf op het vliegveld van Des Moines, Iowa. De strijd om het presidentschap 2012 staat op het punt te beginnen. Het is spannend, want nu ben ik zelf de Amerika-correspondent aan het begin van de voorverkiezingen. Naast mij aan de balie staat een wat oudere man in een bruine regenjas. Als ik de medewerker van het verhuurbedrijf mijn naam vertel, zegt ze “hey, nog een meneer Kleijn.” De man in de regenjas en ik kijken elkaar aan. Het is Joe Klein, ik herken hem meteen.
‘Great story’
Ik stel me voor en vertel het verhaal. Hij kijkt me wat wantrouwend aan. Hij vraagt me nog twee keer naar mijn achternaam en waar ik voor werk. Ik word er zenuwachtig van. Halverwege trekt hij vol ongeloof zijn wenkbrauwen op. Klein bevestigt mijn verhaal over de enveloppe en het artikel dat hij kreeg van zijn uitgever. Hij moet hard lachen. Klein is inmiddels miljonair, gevierd schrijver van boeken, artikelen en recensies. Gewaardeerd analist voor verschillende tv-zenders en de New York Times, Washington Post en Rolling Stone. Als we allebei onze autosleutels krijgen draait hij zich nog een keer om en pakt mijn arm. Hij zegt ‘what a great story!’ en loopt glimlachend weg.
De presidentsverkiezingen van 2012 zijn nog niet eens begonnen, maar kunnen voor mij al niet meer stuk.
Tom Kleijn, Amerika-correspondent Nieuwsuur


Leuk verhaal, Tom!
Reageer